Skip Navigation Links

Marmer als nieuwe taal: Rozemarijn Westerink leert reliëfs maken op Tinos

Juli 2026

Rozemarijn Westerink tekent het liefst met Oost-Indische inkt. Geen potlood, geen gum. Wat er staat, staat er. Die directheid vormt de basis van haar kunstenaarspraktijk. Vanuit gelaagde tekeningen maakt ze ook stop-motion films. De afgelopen tijd zocht ze de ruimtelijkheid met klei en giethars. Toen ze een marmerresidency op het Griekse eiland Tinos voorbij zag komen, herkende ze meteen de overlap. Met de Grensverlegger-beurs vertrok ze zes weken naar het dorp Pyrgos, op Tinos, waar het marmer letterlijk uit de grond komt.

Beginnen bij de steengroeve

In Pyrgos werkte Rozemarijn elke ochtend van negen tot één in de werkplaats van beeldhouwer en marmerbewerker Filippos Kagiorgis. Ze begon, zoals elke nieuwe resident, bij het begin: een bezoek aan de oude steengroeven, waar ze leerde hoe het marmer ooit gewonnen en verscheept werd. Daarna naar de plaatselijke smid, die ter plekke haar gereedschap maakte, met haar initialen gegraveerd in de hamer. "Dat is gewoon mijn hamer," vertelt ze. "Heel cool."
 
Het werken met het materiaal zelf bleek lastiger dan het eruitzag. "Ik sloeg weleens in mijn hand," zegt ze. "Je gebruikt spieren die je normaal niet gebruikt." Voor een kunstenaar die in haar eigen werk juist vaak van techniek afwijkt, was het volgen van een vaste methode een nieuwe discipline. Ze ging 's middags vaak ook terug naar de werkplaats om te oefenen, een rechte lijn maken bleek allesbehalve simpel.

Foto: Marble Residency Pyrgos/ Patricia Pulles

Het licht bepaalt het ritme

Wat Rozemarijn het meest verraste, was de werking van het licht. In Pyrgos werd er gewerkt van negen tot één, omdat het licht daarna verandert en de diepte in het reliëf onzichtbaar wordt. "Wij denken vanuit wat maakbaar is en passen de omgeving daarop aan," zegt ze. "Daar was het andersom. Iets is er, en jij past je daaraan aan." Marmer is overal in het dorp, in de straten, boven de deuren, op de begraafplaats, in de naambordjes. Voor de bewoners is het ook een ambacht, geïntegreerd in het dagelijks leven. Voor Rozemarijn werd het, stap voor stap, een nieuwe manier van kijken.

Alleen met de Grieken

Na twee weken vertrok haar Zwitserse huisgenoot en bracht Rozemarijn ruim een week alleen door, precies rond Grieks Pasen. Het begon met een dorp vol vieringen. "Dat was heel bijzonder om mee te maken," vertelt ze. Daarna volgde stilte, en dat bleek een andere ervaring. Ze kon niet meer terugvallen op iemand die er, net als zij, ook niet vandaan kwam. "Je bent op jezelf aangewezen," zegt ze over die week. Juist daardoor werd ze onderdeel van het dorp zelf, en ontstond er een andere manier van contact maken met de mensen om haar heen. "Dat is ook wel goed." Toen haar gezin een paar weken later arriveerde, verhuisde ze naar een nieuw huis midden in het dorp. Haar kinderen kenden al snel elk steegje beter dan zijzelf.

Foto: Marble Residency Pyrgos/ Patricia Pulles

Suikerlagen in marmer

In haar laatste week ontstond het werk waar ze het meest naar uitkeek: haar eigen tekeningen, vertaald naar marmeren reliëfs op nette, recht afgesneden platen, samen met Filippos. Daarnaast werkte ze in haar eigen uren met stukken marmer die ze zelf had gevonden tijdens wandelingen over het eiland. "Die vorm pas je dan weer aan op het gevonden stuk," zegt ze. "Dat geeft een andere dimensie." Een deel van die gevonden stukken nam ze mee naar Nederland. In haar atelier liggen ze nog te wachten, samen met de hamer met haar initialen. "Ik heb alles wat ik nodig heb," zegt ze.
 
De lagen die ze in het witte marmer aanbracht, beschrijft ze als laagjes suiker. Zacht ogend, in een keihard materiaal. "Het contrast tussen het zachte wat je ziet versus het harde materiaal," noemt ze het zelf. In haar verslag schrijft ze dat die ontdekking haar nieuwsgierig maakt naar meer. Op haar laatste dag, inmiddels met het Griekse alfabet onder de knie, hakte ze haar lievelingswoord uit: thalassa. Zee.

Foto: Jan Willem Hilberink

Wat ze meeneemt

Terug in Nederland merkt Rozemarijn dat de residency haar werk losser heeft gemaakt. De zee was in Pyrgos voortdurend aanwezig, in het licht en in het uitzicht, en kleurde zo haar eigen voorstellingen in het marmer. Dat was ook precies waarom ze naar Tinos wilde: in haar recente tekeningen en films is de zee al langer een terugkerend onderwerp, en op het eiland kon ze er weken achtereen middenin zitten, vaak werkend op de rotsen langs de kust, met de steen onder haar handen als directe verlengstuk van het uitzicht. Het wandelen over het eiland deed daarbij iets specifieks. "Te voet heb je een heel ander tempo dan als je met een auto ergens langs rijdt," vertelt ze. Die manier van lopen, over losse stenen, met een bamboestok tegen slangen, veranderde hoe ze het landschap beleefde. "Dat wilde ik heel graag ook inhoudelijk in dat werk bereiken."
 
Tijdens het werken ontdekte ze ook hoe wisselend het materiaal zelf reageert. De ene steen breekt snel af door glasdeeltjes erin, de andere is juist te hard om fijn te bewerken. "Dat maakt dat het een heel levend materiaal is," zegt ze daarover.
 
Meer weten over Rozemarijn? Check hier haar website en Instagram.

Over Grensverlegger

Grensverlegger is een reisbeurs van het K.F. Hein Fonds voor kunstenaars die een inspirerende reis willen maken om hun artistieke praktijk te verbreden. Vanaf september kun je je weer aanmelden voor deze beurs. Houd onze website en socials in de gaten.
 
Lees hier meer verhalen van andere Grensverleggers en kunstenaars.

Foto: Anoek Mensink